Passie voor techniek én onderwijs - interview met technator Henri Pragt

Onlangs maakte Techniekpact een portret van technator en technasiumdocent op het Hondsrugcollege (Emmen) Henri Pragt over hoe belangrijk het is om voeling met de beroepspraktijk te houden. Waar samenwerking met het bedrijfsleven voor Technasium vanzelfsprekend is, is dat in het regulier voortgezet onderwijs een stuk minder het geval.

Henri Pragt, zelf afkomstig uit het bedrijfsleven, is altijd op zoek naar mooie technische bedrijven om mee samen te werken. Een interview met een enthousiasteling met een passie voor techniek én les geven. 

Passie

Dat is het woord dat voortdurend terugkomt in het verhaal van Henri Pragt, technator en Jet-Net coördinator op het Hondsrugcollege in Emmen. Passie komt niet alleen terug in zijn verhaal, passie straalt er ook vanaf. Het is duidelijk dat Henri Pragt zeer gedreven is om zijn leerlingen onder te dompelen in de wondere wereld van de techniek. Maar Pragt begon zijn carrière anders. ‘Ik kom oorspronkelijk uit het bedrijfsleven. Ik heb bij KPN gewerkt en was daarna gedetacheerd bij allerlei bedrijven. Mensen enthousiast maken voor techniek en voor een technisch beroep trok me altijd. Maar binnen bedrijven zijn er ook andere belangen, dus ik koos uiteindelijk voor het onderwijs.’ 

Netwerk

Pragt is dan wel niet meer werkzaam in het bedrijfsleven. Hij staat er nog steeds met minstens één been in. ‘Ik ben voortdurend met het bedrijfsleven in de regio gesprek. Ik heb een groot netwerk en dat onderhoud ik ook actief. Zo ben ik lid van de ondernemersvereniging en bezoek ik allerlei netwerkbijeenkomsten en open dagen ook ‘s avonds en in het weekend. Ik ben zichtbaar: mensen weten wie ik ben als ik ze bel. Ik bel directeuren van bedrijven op waar mijn leerlingen bij zitten. Zo laat ik hen zien dat het helemaal niet eng is om een bedrijf te benaderen. Op onze school mogen leerlingen hun telefoon niet gebruiken. Maar bij mij in de les wel, om zelf óók te bellen met bedrijven.’   

Contact

‘Eigenlijk doe ik de hele dag niet anders dan jongeren in contact brengen met het bedrijfsleven. Ik ben voortdurend met bedrijven in gesprek op zoek naar mogelijkheden om mijn leerlingen kennis te laten maken met techniek. Dat betekent naast veel bellen, veel op bezoek bij bedrijven. Dat laatste is door corona een stuk moeilijker. Ik ga normaal gesproken overal met mijn leerlingen naartoe om ze alles te laten zien. Nu breng ik opdrachten nog steeds naar leerlingen toe. En dan zijn ze blij me te zien, ze missen het contact. Bovendien hebben ze context nodig. Ze moeten een opdracht of een mogelijk project vaak voor zich zien. Daar moet ik ze nu meer bij helpen.’ 

Context en creativiteit

Juist die context van techniek is belangrijk vertelt Pragt. Je moet laten zien wat techniek is en wat je ermee kunt. En daar moet je vroeg mee beginnen, vooral tijdens het leerbare leven, dat begint vanaf een jaar of 9. Naast die context is het stimuleren van creativiteit en fantasie bij kinderen en jongeren enorm belangrijk.  

Ik gebruik altijd het maken van een vogelhuisje als voorbeeld om aan te geven wat ik bedoel. Je kunt 30 kinderen een vogelhuisje laten maken. Dan vinden 3 dat heel leuk en die worden dan misschien wel timmerman. Maar de andere 27 vinden er geen bal aan. Terwijl als je ze een opdracht geeft die breder is dan dat, minder ingevuld ook, dan kunnen ze zelf aan de slag met hun eigen creativiteit. Het po moet vanaf 2021 W&T gaan geven. Ik hoop van harte dat scholen hun leerlingen geen vogelhuisjes laten maken maar zelf laten ontdekken. Dat is voor mij techniek: op een creatieve manier oplossingen zoeken.’ 

Vrijheid en vertrouwen

Voor Pragt is het geven van vrijheid en vertrouwen van zijn leerlingen de belangrijkste succesfactor achter zijn aanpak. ‘Als leerlingen een plan hebben, zeg ik altijd: gaan we doen! Dan weten ze helemaal nog niet hoe. Het is vaak alleen nog een stip op de horizon, maar dan zeg ik, zet die stip maar en ga. Ik geef les op een Technasium en die vwo-leerlingen zullen in hun werkzame leven ook veel op die manier aan de slag gaan. Er is een probleem, zoek er een oplossing voor. Die oplossing is niet altijd direct voor handen. Maar als leerlingen het vertrouwen hebben dat ze het mogen doen, dan zitten ze al op de weg naar succes. Het mooiste is als dat uiteindelijk tot tastbare resultaten leidt, zoals het eerste project dat we drie jaar gelden oppakten, de solarfiets. Die staat nog steeds midden in het leslokaal, met allemaal stickers van bedrijven die eraan meewerkten. Maar ook als een opdracht niet leidt tot een tastbaar resultaat is de ontdekkingsreis van leerlingen een heel waardevolle ervaring.’

Tips van Henri Pragt

Professionalisering van het contact met bedrijven klinkt ingewikkeld maar dat hoeft het helemaal niet te zijn. Contact onderhouden, bedrijven opzoeken blijft de kern: zorg dat jij ze kent en zij jou kennen. Wees nieuwsgierig. Wat ik ook professionalisering vind, is weten wat er in je omgeving gebeurt. Ga ernaartoe, vraag om mee te lopen. Ja, dat kost tijd. Maar het is heel belangrijk. Daarmee kun je de vertaalslag maken van jouw theoretische vak naar de beroepspraktijk. Je laat zien waarom wiskunde B belangrijk is, bijvoorbeeld voor de architectuur.

Een tweede tip is: vertrouw leerlingen. Dat zei ik al eerder, maar voor mij is dat ongelofelijk belangrijk. Denk niet voor leerlingen maar geef ze de ruimte om zelf te ontdekken. Maak samen een plan en geef ze vertrouwen door ze zelf dat plan te laten uitvoeren.

 

Bron: Techniekpact, tekst door: Ravestein & Zwart