In de ruimte van een voormalig zwembad klinkt geen gedreun van duikplanken, maar het geroezemoes van leerlingen van verschillende scholen die hun eigen onderwijs onder de loep nemen. In de benedenverdieping van de technasiumwerkplaats van het Da Vinci College Kagerstraat (Leiden) zitten zij bewust door elkaar. Niet alleen de leerlingen gaan het gesprek aan, ook de professionals komen bij elkaar als ‘kritische vrienden’ om de lat van technasiumnetwerk Rijnland voor de komende jaren weer iets hoger te leggen.
De dag begint in de technasiumwerkplaats nog rustig met koffie en een gezamenlijke start, maar er staan belangrijke zaken op het programma. Vandaag houdt netwerk Rijnland de vierjaarlijkse netwerkvisitatie: een gezamenlijke reflectiedag binnen de kwaliteitscyclus van Stichting Technasium. Netwerk Rijnland is één van de 19 technasiumnetwerken in Nederland. Binnen dit netwerk werken het Antoniuscollege Gouda, het Groene Hart Lyceum, het Maris College Belgisch Park, het Da Vinci College Kagerstraat en het Veurs Lyceum samen aan de kwaliteit van het vak Onderzoek en Ontwerpen (O&O).
De netwerkvisitatie vormt een vast onderdeel van die samenwerking. Een gezamenlijk moment waarin de scholen in het netwerk elkaar en zichzelf een spiegel voorhouden. Deze keer staan 3 thema’s centraal: de rol van bètatechnische experts, de havo-bovenbouw en coaching als kern van kwaliteitsborging. Juist het samenkomen van alle scholen binnen het netwerk en het actief betrekken van leerlingen maakt deze dag bijzonder. Scholen kijken niet afzonderlijk naar hun eigen praktijk, maar leren van en met elkaar.
Samen slimmer: van speeddates tot kennisuitwisseling
Na de lunch splitsen de O&O-docenten, technisch onderwijsassistenten (toa’s), schoolleiders en leerlingen zich op in groepen. In de technasiumwerkplaats piepen de schuivende hoge krukken als de professionals aan de slag in groepjes. De leerlingen dalen af naar de leerlingarena. Eén van de groepen bespreekt met elkaar de rol van de bètatechnische expert in O&O-projecten. Uit de vooraf afgenomen enquêtes bleek een contrast: iedereen ziet de meerwaarde van een expert, maar in de praktijk is het optimaal inzetten ervan nog een uitdaging. Docenten zoeken naar meer gemak in het vinden van experts, bijvoorbeeld via een gezamenlijke expertpool. Leerlingen willen vooral laagdrempelig contact en gerichte feedback. In tweetallen gaan de professionals aan de slag om concrete acties te bedenken om experts te vinden en binden.

Ondertussen zijn de andere groepen bezig met de andere 2 thema’s: coaching en havo-bovenbouw. Hoe begeleid je havoleerlingen met motivatie en vertrouwen naar hun Meesterproef? De professionals wisselen hun ervaringen uit en bespreken hoe zij dit aanpakken. Ook het onderwerp van het mengen van leerlingen uit onder- en bovenbouw komt aan bod. Sommige scholen houden die strikt gescheiden, andere niet. Het mengen van niveaus kan leerlingen meenemen en uitdagen, klinkt het.


“Van je fouten leer je het meest”
Terwijl de professionals boven gefocust bezig zijn, gaan de jongeren de trap af naar de benedenverdieping. In de ‘bak’ van het oude zwembad, nu een verlengstuk van de technasiumwerkplaats, gaan leerlingen van de verschillende scholen het gesprek aan. In gemengde kringen, met één docent als procesbegeleider, bespreken zij dezelfde 3 thema’s.
De gesprekken zijn serieus en scherp. Leerlingen delen hoe het werkt op hun school, bevragen elkaar en geven eerlijke feedback. Over coaching door O&O-docenten delen ze dat docenten ze verder kunnen helpen wanneer ze vastzitten door gerichte vragen te stellen.
“We hebben wel eens stilgezeten aan het begin van een project. Toen is de docent met ons gaan zitten om ons te helpen in het proces. Hoe maak je hier een project van? Wat is het vraagstuk?”
aldus een leerling
Ook noemen ze momenten waarop coaching te afwezig voelt. Op de vraag of een docent de leerling moet vrijlaten, antwoordt een leerling: “Nou niet helemaal vrijlaten, maar van je fouten leer je het meest” en “docenten moeten wel kritische vragen stellen zodat je zelf gaat nadenken.” Eén ding komt wel naar voren in de gesprekken: de O&O-docent kan je weer op het goede spoor brengen.

Van reflectie naar actie
Aan het einde van de middag gaan de professionals en leerlingen per school aan de slag met het vertalen van de opbrengsten naar concrete acties voor hun eigen Technasium. De plannen variëren van het inzetten van oud-leerlingen als expert tot een inspiratiemuur met opdrachtgevers in de werkplaats. De leerlingen wierpen zelfs een balletje op voor de mavo: volgens hen zou het vak O&O ook daar een mooie toevoeging zijn.
Wanneer de werkplaats langzaam leegloopt en de krukken en tafels weer op hun oorspronkelijke plek worden geschoven, is het duidelijk wat deze dag laat zien. Het technasiumonderwijs onderzoekt zichzelf zoals leerlingen hun O&O-projecten aanpakken: kritisch, samen en met het oog op verbetering. Netwerk Rijnland gaat met positieve energie aan de slag met de verbeterpunten om het technasiumonderwijs nóg beter te maken.














